Frisian Ports voor gezamenlijk beleid en beheer

Omschrijving

Frisian Ports voor gezamenlijk beleid en beheer

Eén haven in Friesland

“In onze ogen moet je Friesland nu zien als één haven, en niet als een verzameling afzonderlijke havens met verschillende regelingen, faciliteiten en kwaliteitsniveaus. Daarom pakken we de positionering van Frisian Ports serieus op, die we gaan vertalen in activiteiten waarvan de binnenvaart en watergebonden bedrijven meteen profijt hebben.”

De wethouders Maria Le Roy (Harlingen) en Ron van der Leck (Smallingerland) geloven in de kracht van de samenwerking van zeven binnenhavens en één zeehaven in Friesland, die de naam Frisian Ports draagt. Begin maart bekrachtigden de acht gemeenten formeel de samenwerking. Smallingerland, Leeuwarden, Heerenveen en Súdwest-Fryslân (samen de zogeheten F4-gemeenten), Harlingen, De Fryske Marren, Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel trekken samen op in het havenbeleid en -beheer. Zij weten dat het beroepsgoederenvervoer over water belangrijk is voor het Friese vestigingsklimaat. Frisian Ports is nu de vierde clusterhaven van Nederland, gemeten naar het volume aan goederen dat wordt verwerkt. 

Serieuze partij
Een aantal jaren geleden maakten de F4-gemeenten en Harlingen een begin met het verkennen en intensiveren van de samenwerking op het gebied van het beroepsgoederenvervoer over water. Met zo veel havens en natuurlijke vaarwegen in Friesland ligt het voor de hand om hier je voordeel mee te doen. Een van de drijfveren van Frisian Ports is om op landelijk en Europees niveau meer voor de dag te komen. Die aanpak moet haar vruchten afwerpen. Wethouder Maria Le Roy licht toe: “Het is een manier van profileren om vanuit het achterland inkomende goederenstromen te verwerven. Verladers, reders en afnemers zien ons als een serieuze partij. Ze bellen nu op met vragen als: hoe doen jullie dat, en wat kunnen jullie voor ons gaan betekenen?”

Friesland is gebaat bij de komst en de groei van watergebonden bedrijven, als stimulans voor de werkgelegenheid. Er is nog steeds ruimte voor nieuwe bedrijven en bedrijvigheid en de provincie is kwantitatief goedkoper dan het westen of het zuiden. “Gevoegd bij het actuele werknemerspotentieel maakt het de vestiging van bedrijven in onze regio heel aantrekkelijk”, benadrukt Le Roy. “Wij hopen daarnaast op de voordelen van de synergie van de bestaande bedrijven. Dat ze onderling met gezamenlijke locaties en investeringen elkaar dienstbaar zijn. De een pakt bijvoorbeeld het transport op voor de maakindustrie en de ander voor de bedrijven die bulkgoederen aangeleverd krijgen. Frisian Ports wil hierin een voorbeeld en inspiratiebron zijn voor die bedrijven”, aldus de Harlinger Belang-wethouder van onder meer Havenzaken en Gebiedsontwikkeling.

Treintje-varen
Haar D66-collega Ron van der Leck ziet nog een ander pluspunt van Frisian Ports. “We kunnen richting subsidiegevers beter een vuist maken als het gaat om ondersteuning en innovatie. Denk aan het aanvragen van subsidies om de werkgelegenheid te stimuleren, vervoerstechnieken te vernieuwen en scholing of educatie passend te maken.” Bij het innoveren van de vervoerstechnieken gaat de aandacht uit naar het verder ontwikkelen van de koppeling van bepaalde ladingsstromen, het zogenoemde treintje-varen waarbij duwbakken worden gekoppeld. Le Roy: “Binnenhavens zijn gebaat bij volume, en dan is het handig voor reders en schippers om lading te kunnen koppelen, zodat je de slag richting Randstad of achterland niet mist.” 
Verder staat Frisian Ports sterk in het aantrekken van werkgelegenheid en het verbeteren van efficiency. Van der Leck: “Als we het hebben over het vergroten van het aantal arbeidsplaatsen praten we ook over manieren om mbo’ers via de ROC’s klaar te stomen voor een baan bij de watergebonden bedrijven. Er is behoefte aan dit type werk. Als samenwerkende havengemeenten kunnen wij meedenken over het scholingsvraagstuk van die bedrijven.”

De Friese havensamenwerking in het kort:
•    gezamenlijk havenbeleid en afstemming van beheer op Friese schaal;
•    herkenbaarheid buiten de regio vergroten van Friese havens;
•    met meer volume (tonnages) een betere gesprekspartner voor de grotere zeehavens;
•    meer kans maken op EU- en rijkssubsidiemogelijkheden voor infrastructurele investeringen;
•    een modal shift (meer vervoer van weg naar water) stimuleren;
•    inzetten op duurzaamheid (op het gebied van vervoer over water, duurzame havenvoorzieningen, duurzame brandstoffen zoals LNG).

Van weg naar water
Frisian Ports heeft ook een ambitie op het gebied van duurzaamheid. “Wat we belangrijk vinden is het verplaatsen van het goederentransport van de weg naar het water”, zegt Van der Leck. “Als één havencluster in Friesland kunnen we heel nauwgezet werken aan deze zogeheten modal shift. Minder vervoer over de weg en meer via het water levert niet alleen minder uitstoot van schadelijke stoffen op, maar bevordert ook de doorstroming van het wegverkeer en levert in veel gevallen ook een bedrijfsmatige kostenverlaging op.” Dit zijn volgens beide wethouders belangrijke voorwaarden voor bedrijven om in de toekomst ook concurrerend te kunnen zijn. 
Het verduurzamen van het vervoer over water zelf staat ook hoog op de agenda van Frisian Ports. Het realiseren van duurzame havenvoorzieningen en het stimuleren van het gebruik van alternatieve brandstoffen zoals LNG (vloeibaar aardgas) moeten aan die ambitie bijdragen.
Blijven er op dit moment nog zaken te wensen over in de Friese havencluster? De wethouders kijken elkaar aan? “We zijn nu met zijn achten. Franeker, die in een herindelingsopgave zit, zou als negende havengemeente nog kunnen aansluiten. Dan hebben we alle grote goederenhavens te pakken en een adequate dekking in Friesland.”


Neem contact op