De praktijk van de experts van Arcadis ‘Station als boost voor een bredere gebiedsontwikkeling’

Omschrijving

Stations zijn niet langer alleen een plaats waar reizigers aankomen en vertrekken. De voorzieningen op en rond de locatie maken het station zelf steeds vaker een plaats van bestemming. Een aantrekkelijk station versterkt de potentiële groei van een stad, dorp of regio. Dit betekent dat stationsgebieden uitgroeien tot interessante investeringsgebieden. Als belangrijke speler in deze groeiende markt, heeft Arcadis de ervaring dat een weldoordacht plan voor het omliggende stationsgebied, geïntegreerd in de herontwikkeling van het station, de sociaaleconomische ontwikkeling sterk stimuleert. Het creëert mogelijkheden om duurzame investeringen aan te trekken, die de ontwikkeling van een stationsgebied versnellen.

Het vroegtijdig integreren van het station in de stedelijke herontwikkeling en een integrale maatschappelijk benadering kunnen een hoge toegevoegde waarde opleveren. De architecten en ingenieurs van Arcadis hebben dit de afgelopen jaren in de praktijk gebracht bij grootschalige opgaven als Amsterdam Centraal, Amsterdam Zuid (Zuidas), Rotterdam Centraal, maar ook bij verschillende middelgrote stationslocaties.

In samenwerking met de opdrachtgever ontwerpt Arcadis een omgeving waarbij iedereen op een logische, prettige én veilige manier kan in- en overstappen en verblijven. Dikwijls is het een complexe puzzel, omdat de belangen van veel partijen bij elkaar komen, midden in sterk verstedelijkt gebied. Met als uitdaging dat het station en haar omgeving tijdens de verbouwing moeten blijven functioneren. Maar als het lukt om de puzzel passend te krijgen, ligt er een goed integraal doordacht plan dat ‘werken met de winkel open’ zelfs in de meest complexe gebieden mogelijk maakt.

Samenkomen
Drijvende krachten achter deze integrale aanpak zijn Micheline Zeenni, directeur Station, Urban Development & Consultancy, en Jeroen Sikkenk, manager van de afdeling Stations en Architectuur. ‘Het initiatief voor een herontwikkeling van een stationsgebied kan tegenwoordig vanuit verschillende hoeken komen’, zegt Sikkenk. ‘Extra capaciteitsbehoefte op het spoor, zoals bij het station Zwolle, verbeteren van de toegankelijkheid, zoals bij station Eindhoven, het opheffen van de nabijgelegen overweg, zoals bij station Hilversum, of juist plannen van een gemeente, provincie of ontwikkelaar. Het nieuwe station Lansingerland-Zoetermeer is daarvan een mooi voorbeeld.’

Micheline Zeenni wijst in dit kader ook op de ontwikkeling van het Zuidas-project, waarbij Arcadis als onderdeel van het Ingenieursbureau ZuidasDok (een vof tussen Arcadis en Witteveen+Bos) geruime tijd betrokken is. Door de strategische ligging tussen Schiphol en het centrum van Amsterdam is station Amsterdam Zuid een van de snelst groeiende stations van Nederland, zeker met de toekomstige aantakking van de Noord/Zuidlijn. Hierdoor ontstaat rondom dit vernieuwde station een nog aantrekkelijker investeringsgebied voor multinationals, hotels en horeca met bijpassende internationale uitstraling.  

Monument in nieuw jasje
In de (her)ontwikkeling van stationsgebieden speelt duurzaamheid uiteraard een belangrijke rol. Een breed begrip waarbij de focus kan liggen op duurzame energie. Een voorbeeld hiervan is de kap van station Eindhoven. Dit is het grootste dakoppervlakte van Nederland welke bedekt is met zonnepanelen. ‘Maar denk ook aan andere onderwerpen als het slim (her)gebruik van materialen’ zegt Jeroen Sikkenk. Vroeger was duurzaamheid een add on, een extra vraag, tegenwoordig is het onderdeel van de integrale aanpak en standaard verweven in het ontwerpproces. Sikkenk: ‘Partijen als ProRail, overheden en betrokken bedrijven willen zich niet alleen profileren op het vlak van duurzaamheid en circulaire economie, zij moeten dit ook doen om hun gestelde beleidsdoelstellingen te halen. Een mooi voorbeeld hiervan is de bestaande perronkap van station Driebergen-Zeist. Deze wordt nu niet gesloopt maar gerestaureerd en voorzien van zonnecellen. Hiermee is een monument in een nieuw jasje gestoken.’

MODex
Om stationslocaties in een bredere context te analyseren en onderling te kunnen vergelijken, heeft Arcadis een eigen tool ontwikkeld, de MODex. Faciliteiten op de locatie, duurzaamheid, de kwaliteit van de stedelijke omgeving, vastgoedwaarde, publieke zaken, overstapcomfort – het zijn enkele van de indicatoren van deze Mobility Oriented Development Index. Arcadis heeft het model inmiddels toegepast op een reeks grote stations, zowel nationaal als internationaal. Zo krijgt ieder station en de bijbehorende omgeving zijn eigen waardering, waar New York, Grand Central Station nu de nummer 1-positie inneemt. In ons eigen land komt volgens de MODex het Centraal Station Rotterdam als beste uit de bus, waarmee een plaats in de internationale top-5 is bereikt.

Zeenni: ‘Wat Arcadis doet is betrokken partijen op de stationslocaties laten zien op welke punten de score kan worden verbeterd. We hebben het dan over een veel bredere context dan alleen het verbeteren van de techniek. Het station krijgt een steeds belangrijkere economische functie van ‘mixed use’, die een aantrekkelijke aanvulling is op de stad.’ Zij vindt Station Rotterdam Centraal een toonvoorbeeld van de huidige generatie stationsgebieden die eigenlijk een ‘stad’ is geworden met winkels, horeca en kantoren. ‘Het is een ideale en veilige verblijfslocatie die de reiziger en de consument een bijzondere beleving geeft, en dus tot de verbeelding spreekt.’

Toekomst
Komt er een tijd dat alle ov-locaties en spoorzones klaar zijn, en Arcadis wat dit betreft met de armen over elkaar gaat zitten? Sikkenk en Zeenni verwachten van niet. ‘We zien dat ook veel gemeenten met kleine en middelgrote stations ambities hebben hun stationsgebied een nieuwe impuls te geven. Daarnaast is vanwege de dynamisch omgeving en snelheid van de technologische ontwikkelingen een stationsgebied eigenlijk nooit klaar. Naast technische verbeteringen komen er vast nieuwe functionaliteiten. Ook de behoeften van reizigers, gebruikers, vervoermaatschappijen, vastgoedverhuurders en andere stakeholders blijven veranderen.’ Het zou Zeenni niet verbazen wanneer er straks ook meer hotels en restaurants op de stations komen. ‘Waar stations nu met name transporthubs zijn met de nodige voorzieningen, zal het station steeds meer het kloppend hart worden van de stad, waar dus ook verblijven en recreëren tot de opties behoren.’

 


Neem contact op